duinen landkaart2

Omdat dat zeespiegel omstreeks het begin van onze jaartelling een stuk lager was, lag de kustlijn toen ca 120 m noordelijker (zeeinwaarts) dan nu.  Die kustlijn werd in de Romeinse en latere periode beschermd door een duinenlandschap die op enkele plaatsen werd doorbroken door kreken en geulen, zoals de Sincfal. Van de Romeinse duinenrij zijn enkel aan de Westkust nog enkele fragmenten bewaard. 

Aan onze oostkust verdween deze bescherming achter-liggende door stormen en wegspoeling.

Daardoor kwam het gebied open te liggen voor het voortdurende spel van eb en vloed zodat het door de afzetting van klei werd omgevormd in een slikke- en schorregebied. In de middenkust werd de duinengordel niet doorbroken door grote kreken of geulen.  Daardoor kregen jonge duinen daar gemakkelijker een kans. 

Door de overwegend westenwinden groeiden de duinenrepen westwaarts en vormden zij in de 10de en 11de eeuw een beschermingsgordel tot voorbij Blankenberge. 

Van uit de Zandstreek werden enkele dijken loodrecht op de duinengordel gebouwd (Zijdelinge en Gentele) waardoor een eerste groot gebied werd ingepolderd.

Van uit de Blankenbergse Dijk (Gentele) vertrok vanaf de 11de eeuw de Evendijk als bescherming voor de vroegste bewoners van Koudekerke (latere Heist), Westkapelle en Ramskapelle. Later volgden meer noordelijk en oostelijk gerichte dijken. Vanaf ca. 1370 schuift de duinenrij van uit Blankenberge voorbij Heis(t) in de richting van het kleine gehucht Schaarte (nabijheid van huidige Scharpoord) dat ca 1400 volledig onder het zand verdwijnt.

De duinenevolutie zette zich de volgende eeuwen oostwaarts verder en de duinen kregen de kans om ten noorden van de Graaf Jansdijk een groot stuk van het slikken- en schorrengebied te bezetten.  Daar werden de Kalfduinen en Blinkaartduinen, die werden onderbroken door grote pannen (Brabantse Panne, Blinkaartpanne), gevormd.  Ten noorden van de Zoutekreek ontwikkelde zich langs de kust nog een derde duinenrij.  Rond 1800 bestond het noordelijk gedeelte van Knokke bijna uitsluitend uit een duinenlandschap.

Duinen zijn echter zeer kwetsbaar. Het Bestuur van de Zoute Polder stelde in 1878 vast dat sedert 1839 een strook duinen van ca 2oo meter was verdwenen.  Om de duinen te kunnen vasthouden werden zij beplant.  Grootgrondbezitter Serweytens de Merckx beplantte een deel van zijn duinen met populieren.  Dat vormde het begin van het huidige Directeur-Generaal Willemspark (Bosje van Heist).  De familie Lippens liet vanaf 1885 een deel van de Blinkaartduinen beplanten en lag zo aan de basis van het huidige Koningsbos.

Door de snelle urbanistische evolutie van Duinbergen, Knokke en het Zoute werden grote delen van de duinen volgebouwd.  Het is wel opmerkelijk hoe ir. Stübben, als ontwerper van Duinbergen en het Zoute, de oorspronkelijke duinenstructuur heeft gerespecteerd in zijn plannen.

Niettegenstaande de grote bouwwoede aan onze kust bleven gelukkig nog enkele duinengebieden bewaard (Bosje van Heist, Park 58, IJzerpark, Zinbosjes, Golf).  Een nieuw gebied (Baai van Heist) kreeg zelfs een kans om zich te ontwikkelen. (FT)

Terug